Info

boek

Het weblog van Annemiek is een humoristische roman over een jaar uit het leven van Annemiek, een 24-jarige student pedagogiek. Over de dagelijkse gebeurtenissen, haar belevenissen, huisgenoten, eerste – en tweede en derde – liefde, blunders en visie op de wereld; van middelbare- schoolreünies tot surprise-avonden bij de schoonfamilie en van foute vriendjes tot Mr. Right.

* € 6,98 * Uitgeverij Poema Pocket
* Eerste editie verschenen bij Uitgeverij de Kern
* ISBN10 9021006782 * ISBN13 9789021006789 * Klik hier voor een inkijkexemplaar * Klik hier om te bestellen.

Over mij:
Ik ben 29 jaar, getrouwd met Dion. We hebben een zoontje, Ezra. Net als Annemiek heb ik pedagogiek gestudeerd, eerst aan de Universiteit Leiden en daarna aan de Universiteit van Amsterdam. Momenteel werk ik aan een nieuw boek..

Over deze site:
aangepast door Dion *
vormgever: Christel Wassenaar * Pivot * gehost door Two Kings *

30 Okt 06 - 17:03Vlinder

Zelfs als we 'm van kilometers afstand aan zien komen blijft de dood voor ons nog vreemd. Jij weet nu wat het is. Wij kunnen alleen maar raden. Wat ik me zo voorstel is dat de mist is opgetrokken. De pijn is weg, het is weer helder in je hoofd. Alsof er een vlinder uit een cocon komt, na zo lang niet bewogen te hebben, nu eindelijk vrij om te vliegen. De laatste jaren leek het steeds vaker alsof je in je hoofd al oefenvluchten aan het maken was. Steeds een beetje verder bij ons vandaan. Nu ben je definitief weggevlogen. Wat er overblijft zijn alle stukjes en beetjes waarmee we proberen jouw verhaal weer compleet te maken.

De bruine stoel in de kamer, het centrum van je huis. Je puzzelboekjes. The Bold and the Beautiful. Kokindjes, colaflesjes en dikke speculaas in de kast. De kastdeur die nooit open mocht staan. Wickies. Het rommelhok, vol geheimzinnige spullen van vroeger. Hoe je alles bewaarde, van pakpapiertjes tot kerstkaarten en van oude schoolboeken tot kleine restjes stof. De bonbonverpakkingen bij je bed, die opa ooit had opgehangen bij wijze van decoratie. Niets gooide je weg. De donkerblauwe broeken die je altijd droeg. Je ijdelheid. Je sliep met je kunstgebit in omdat niemand mocht zien dat je er een had. Hoe je het voor elkaar kreeg om elk jaar een koffertje ter grootte van een postzegel mee te nemen op vakantie en toch elke dag andere kleren aan te hebben. Het erkertje achter de bank, mijn favoriete verstopplaats. 'Even in de radiobode kijken!' Je verjaardag in december, de leukste verjaardag van het jaar. De kleren die je maakte met je eigen labeltjes erop. 'Drink je cider uit.' De lichtval in je achterkamer. Warme chocola in het kopje met Tom en Jerry. Hoe je altijd zwaaide voor het raam, net zo lang tot we uit het zicht verdwenen waren. 'Zo, juffrouw Flut.' Het touwtje tot bovenaan de trap, om de deur mee open te doen. Je geheel eigen manier van films navertellen, en niemand die er een touw aan vast kon knopen. Op je bed springen. De foto's aan de muur en in je album, de tekeningen die je bewaarde, onze melktanden die je altijd bij je droeg. Jouw geheime recept voor zuurkoolstamppot. Kip, patat en appelmoes op vrijdag. Tussen de middag geroosterd brood met kaas. De kerstvakanties. Het kwissen.

Toen begon het ons op te vallen dat er iets veranderde. Eerst subtiel, toen meer en meer. Je begon te praten tegen de televisie. Geen zin om GTST te kijken, maar je vond het zo zielig om het af te zetten. Je zat met je bord op schoot in je slaapkamer omdat je vond dat de weerman zo op je bord zat te kijken. Je ergerde je aan die presentator die dag in dag uit weer aan je vroeg of je ook eens mee wilde doen aan zijn spelshow terwijl je toch al duizend keer had gezegd dat je dat niet wilde. Je begon mensen door elkaar te halen, gezichten te vergeten. Van binnen vloog je steeds verder weg, van buiten leek je gevangen te zitten in een lichaam dat steeds minder deed wat jij wilde. Alsof je je langzaam aan het inspinnen was en alleen nog maar kon wachten.

De cocon is opengebroken. De pijn verdwenen, de mist opgetrokken. Alles is weer helder. Je kunt je vleugels vrij bewegen. Er staat je niets meer in je weg.
Maak er iets moois van, je hebt het verdiend.

Dag lieve oma, tot later, tot ziens.

acht reacties - §

29 Okt 06 - 17:44Scriptie

Soms leer ik nog wel eens iets van mijn eigen verhalen. Bijvoorbeeld dat je nooit op de ochtend van de inleverdatum van je scriptie of opdracht pas naar de copyshop moet gaan om de boel te laten afdrukken en inbinden. Dat is vragen om ellende. Zelfs al heeft de copyshop waar jij altijd komt gemiddeld twee klanten per maand, al word je daar door vier medewerkers tegelijk geholpen, het maakt niet uit. Er zijn altijd onvoorziene hindernissen. Je ontdekt dat je in het begin van je scriptie iets vergeten bent en als je het ertussen zet verspringen alle regels in je scriptie, je bent de paginanummers vergeten, of die ene tabel staat opeens maar half op de pagina. Noem het maar op. Het is gewoon nooit een goed idee.

Afgelopen jaar deed ik een nieuwe masteropleiding. Nieuwe ronde, nieuwe kansen, zou je denken, maar het leerproces op het gebied van efficiënt printen verliep alsnog in trage etappes. Afgelopen december was het bijvoorbeeld nog raak. Het was vrijdag, ik ging die dag op kerstvakantie, onderweg moest ik nog een opdracht inleveren in Amsterdam, wat natuurlijk totaal niet op de route lag, en die ochtend moest ik het hele zaakje nog uitprinten ook. Fout! Vragen om ellende! De eerste poging draaide er al op uit dat ik de complete opdracht afdrukte op kartonnen vellen, vervolgens ontdekte ik ter plekke weer allerlei omissies, uiteindelijk sprong ik verhit van bus naar trein en van trein naar metro om nog op tijd op de universiteit te zijn én voor het nachtelijk uur op het vakantieadres.

Dit is overigens nog maar een voorbeeld uit de lijst der incidenten. Printers hebben toch altijd de neiging om rare kuren te vertonen op bepaalde hoogtijdagen, net als dat vellen papier uitgerekend dan het liefste vast willen blijven zitten, ergens op een plek waar je er niet bij kunt zonder je vingers te branden.

In de week dat ik mijn eindscriptie in ging leveren, had ik besloten dat ik het eindelijk eens geleerd moest hebben. De inleverdag was maandag, dus op zaterdag had ik de scriptie klaar. Alle vier de versies, keurig in kleur uitgeprint en ingebonden met een mooi extra kaftje erom. Op zondag bladerde ik er nog eens doorheen, ingenomen met mijn eigen nieuwverworven efficiëntie. 

En toen kwam ik er dus achter dat er niets, maar dan ook niets klopte van de paginanummers.

In paniek belde ik mijn moeder.
'Als je nou de goede pagina's even uitprint dan kan ze op kantoor wel even omwisselen, daar hebben we een inbindapparaat staan,' zei ze.
Mijn moeder, mijn immer reddende engel.

Als een bezetene begon ik de inhoudsopgave aan te passen. Er zat geen enkele structuur of logica in de fouten, leek wel. Natuurlijk bleef het daar ook niet bij. Opeens zag ik tig dingen die ik nog moest aanpassen. Soms lijkt het alsof scripties altijd op het laatste moment automatisch nog een paar sneaky foutjes genereren. Gewoon, om je nog even goed te pesten zo vlak voor het einde. Een soort ingebouwde boobytrap. Herkent iemand dit of ligt het gewoon aan mij?

Toen mijn moeder aanbelde, was ik nog half aangekleed aan het bezetene aan het typen. Zij zuchtte demonstratief. Intussen plakte ik de verbeterde pagina's in een leeg document, drukte op 'Afdrukken' en rende naar de printer. Geen paginanummers. Tuurlijk. Kutzooi. Terug naar het andere document, pagina's selecteren, afdrukken, en weer ging het fout. Wat voor slecht karma rustte er op die printer, op die computer, op die scriptie, op mij?

Het was me in ieder geval duidelijk. Als het om efficiëntie gaat, is er altijd ruimte voor verbetering.

Mijn scriptie kon gelukkig op tijd ingeleverd worden op de UvA om daar de komende jaren te vegeteren in een of andere archiefkast waar niemand ooit in kijkt. Zo gaat dat nou eenmaal. Elke dag wordt er weer een grote hoeveelheid papier, plastic ringbandjes en gekleurde kaftjes aan de stapel toegevoegd en niemand die het nog lezen zal. Daar moet je maar niet teveel bij stilstaan als het zweet je aan tien kanten uitbreekt bij het produceren van je scriptie. Frustrerende gedachte.

Anyway, ik ben weer een masterdiploma rijker. En een nieuw inzicht. Wat wil een mens nog meer.

twee reacties - §

28 Okt 06 - 16:47Op winkeldieet

Met mijn moeder heb ik de afspraak/weddenschap/hoe je het ook noemen wilt om tot aan de kerstvakantie geen kleren meer te kopen. Een soort van vervroegd goed voornemen eigenlijk. Een winkeldieet. Of het lukt is natuurlijk nog maar af te wachten. Het punt is namelijk dat het nog vrij lang duurt voor het kerstvakantie is en tja, iedereen heeft zo z'n zwakke punten. Winkelen is in de tussentijd een nogal zielloze onderneming geworden. Je kunt natuurlijk wel kijken in kledingzaken, natuurlijk, het is echt niet zo dat ik alles wat ik zie meteen koop. Maar het is dan wel de bedoeling dat in principe de mogelijkheid bestaat dat ik het zou kunnen kopen. Als dat gewoon helemaal uitgesloten is, is er aan kijken ook weinig lol.

Dus wat kun je dan doen tijdens het winkelen? Pedaalemmerzakken kopen bij de Blokker. Nieuwe glazen bij de Xenos, want van de week zijn er weer twee gesneuveld. Misschien hebben we ook nog wel theedoeken nodig en een peertje voor in de lamp. Heel vermakelijk allemaal, echt hoor... shop till you drop. Vandaag had ik dan nog wel een doel, want ik zocht zo'n afneembare bontkraag om een jas mee te blingen, maar ook dat bleef zonder resultaat.

Misschien is het handig om tot aan de kerstvakantie een vervangende bezigheid te zoeken voor winkelen. Bijvoorbeeld interessante stadswandelingen maken, musea bezoeken, knutselen, fietsen, een kookworkshop volgen. Et cetera. Zodat ik niet alleen een spaarzamer mens word, maar ook nog eens sportiever, creatiever, cultureler onderlegd, et cetera, waardoor ik meer profijt heb van mijn pré-nieuwejaarsvoornemen. 

Het goede voornemen voor het nieuwe jaar weet ik trouwens ook al: mijn rijbewijs halen. Eigenlijk speel ik daar een beetje vals, want dat had ik me dat afgelopen januari al voorgenomen. Ik was zelfs van plan om een lijst met doelen op de koelkast te plakken met bovenaan dus mijn rijbewijs, maar inmiddels is het bijna november en het aantal gevolgde rijlessen staat nog altijd op nul. Hetzelfde geldt voor het aantal gelezen pagina's uit het theorieboek, het aantal gepleegde telefoontjes naar rijscholen en noem het maar op. Twee jaar achter elkaar hetzelfde goede voornemen hebben voelt wel een beetje sneu. Alsof je bent blijven zitten.

Nee, dan verloopt het winkeldieet beter.

Het kopen van boeken maakt overigens geen deel uit van het convenant. Daar heb ik vandaag dankbaar gebruik van gemaakt en het boek Ons derde lichaam gekocht, de nieuwe roman van Edward van de Vendel, opvolger van De dagen van de bluegrassliefde. Echt ver ben ik nog niet, maar ik vind 't nu al een aanrader. Daarnaast heb ik nog een boekje aangeschaft over webloggen. Voorlopig hoef ik me dus niet te vervelen. 

Dit weekend zit het nog wel even snor met mijn winkeldieet.


drie reacties - §

27 Okt 06 - 18:21Twee voor de prijs van een

“De dokter probeerde een lachje te verbergen. Zozozo, ze doet het dus met zichzelf. Even later, bij de apotheek, had ik nog steeds het gevoel dat ik de D van doe-het-zelver op mijn rode voorhoofd had staan.”


Oké, je zet jezelf voor lul bij de huisarts. Gebeurt iedereen wel eens, toch? Of willen jullie beweren dat het jullie nooit is overkomen dat je bij de huisarts verzeild bent geraakt in een Absoluut Genante Situatie?

Nou goed, doet er ook niet toe. Mij gebeurde het in ieder geval wel. Vervolgens schreef ik erover in mijn boek. Wat maakt het uit, dacht ik, ik ben er toch niet bij als mensen dat lezen. Ze mogen zelfs nog wel weten dat het waargebeurd is. Mensen, het is waargebeurd. Zo. Dan hoeven jullie je dat in ieder geval niet meer af te vragen.

Woensdag moest ik bij de huisarts zijn en het leek me opeens wel een leuk idee om hem een exemplaar van mijn boek te geven. ‘Kijk, u komt er in voor, leuk hè, u weet het vast niet meer, maar het was erg grappig!’ - enfin, natuurlijk had ik verwacht dat de huisarts me met een gehaast, beleefd lachje zou bedanken, misschien zelfs niet helemaal begrijpend waar ik het in hemelsnaam over had. Het was half tien ’s morgens, de wachtkamer zat vol kwakkelende mensen die ongeduldig in een oude Vrij Nederland zaten te bladeren. Huisartsen hebben meestal haast. Ik had dus verwacht dat hij mijn boek mee naar huis zou nemen, het op de stapel van ‘te lezen boeken’ zou leggen en volgend jaar misschien eens tijd had – want huisartsen hebben het ook altijd heel druk, natuurlijk.

Ik had niet het idee dat de huisarts – die blijkbaar een cursus snellezen heeft gevolgd – het verhaal ter plekke zou gaan lezen. N.B.: waar ik bij was dus. Ditmaal had hij een iets minder subtiel lachje. Hij lachte gewoon heel erg hard.

Kijk, en dat is dan weer een grappige bijkomstigheid van een boek. Alles staat zwart op wit, is vastgelegd voor het nageslacht, en zo kan het je zomaar overkomen dat je twee keer door de grond gaat door hetzelfde voorval. Ik hoefde er niets extra’s voor te doen. Bonus!

In de wachtkamer keek ik nog eens rond. Zo te zien kwam er niemand langs om gezellig bij te kletsen boven een kopje thee. Dokter zijn, het is een roeping, maar niet altijd een vrolijke. Net als twee jaar terug had ik hem weer even opgevrolijkt. Twee goede daden voor de prijs van een, zo was het gelukkig dan weer wel.

77 reacties - §

25 Okt 06 - 22:52Welkom op mijn weblog

Daar is ie dan! Door mijn groot gebrek aan technische kennis heeft het een tijdje geduurd, maar eindelijk is ie dan klaar. Mijn allereigenste weblog. Voor al mijn spontane en minder spontane invallen en voor al jullie op- en aanmerkingen, vragen en reacties. Omdat het échte weblog van Annemiek niet meer online is. Iedereen heeft een eigen weblog tegenwoordig, daar kan ik als auteur van een boek met de titel ‘Het weblog van Annemiek’ natuurlijk onmogelijk een uitzondering in zijn.

Om maar meteen met de deur in huis te vallen, bloggen is natuurlijk hip, gezellig, creatief, modern en cool, maar wie van jullie heeft er eigenlijk nog een echt ouderwets dagboek? Met ouderwets bedoel ik niet per se dat het van papier moet zijn of met een slot erop, want je kunt ook prima een dagboek bijhouden in Word. Wat ik bedoel is een dagboek dat nog echt alleen maar voor je eigen ogen bestemd is, waarin alles, alles, alles wordt besproken, van verliefdheid tot verkering tot liefdesverdriet, van een negen voor Nederlands tot een slecht rapport en de angst om te blijven zitten, van giftige ruzies met vriendinnen tot gedetailleerde verhalen over seks. Soms gewoon eindeloos gezwam dat niemand anders interesseert, zelfs jezelf niet als je het later terugleest. Een dagboek is zo heerlijk ongecensureerd. Je pent, je krast, je typt als een razende en het maakt niet uit dat je eindeloos doorzeurt over hetzelfde of dat je dat en dat al een keer had verteld of dat het gewoon ronduit beschamend is wat je vertelt.

In mijn tijd had nog bijna niemand internet, laat staan een weblog, dus als je iets kwijt wilde was je aangewezen op je dagboek. Als ik nu om me heen kijk heb ik soms het gevoel dat ik jong was in de middeleeuwen. Geen MSN, geen Hotmail, geen forum, geen mobiele telefoon, geen real life soaps en Super Mario Bros in kleur op de Nintendo als hoogtepunt van digitaal vernuft.

Vanaf de brugklas tot en met de zesde heb ik verschillende dagboeken bijgehouden en ik heb ze allemaal bewaard. Af en toe besluit ik dan om het allemaal weer eens door te lezen. Als ik lees over mijn eerste verkering en wat ik daar allemaal van verwachtte en hoe kapot ik was toen dat uitging, ben ik weer eventjes vijftien en herinner ik me weer heel sterk hoe schrijnend. Maar ik schaam me ook een beetje voor mijn puber-ik. Want wat was ik toch een bakvis. Pagina’s lang gemijmer over het al dan niet ‘verkering vragen’ aan mijn brugklasliefde, het uiteindelijk niet durven en dan alsnog keihard afgewezen worden omdat hij toch achter mijn crush kwam. De jongen bij de supermarkt van wie ik de avond voor Valentijnsdag ontdekte dat hij al een vriendin had terwijl ik net een kaart had gestuurd (zogenaamd anoniem, alsof hij debiel was). 

Het dieptepunt was mijn Engelse vakantievriendje Paul, dat ik had opgedaan in Kreta, met wie ik een stief avondje (of twee) had gekust voor hij besloot dat dat wel weer genoeg was en waarover ik in mijn dagboek schreef dat dat toch wel een teken was dat het (ik citeer nu) "definitief helemaal niet goed/heel erg fout zat tussen mij en hem" en dat het "waarschijnlijk beter was geweest dat we de relatie hadden verbroken". Om vervolgens nog weken, nee, maanden dramatische stukken te schrijven over hoe het "bij hem helemaal anders voelde dan bij alle andere mannen" en dat "nooit iemand mij zo in mijn hart had geraakt". Bij dat stukje moest ik mijn dagboek even opzij leggen, zo erg schaamde ik me. Als ik me niet vergis heb ik hem zelfs nog een brief geschreven ook - wat zal hij wel niet gedacht hebben! - in mijn brakke middelbare school-Engels en toen hij daar niet op reageerde heb ik, dramaqueen, met een schuursponsje zijn hoofd van alle vakantiefoto's gekrast. November was het toen ik concludeerde dat het beter was om hem te vergeten. 

Ach, ik kan er uren over praten, want uiteraard was dat nog niet het einde van mijn bakvisleven en ging mijn dagboek nog pagina's door over jongen X en jongen Y en weer jongen X et cetera et cetera. Idioot, maar niemand die het las, dus wat maakte het uit. Dat is een voordeel van een dagboek. Het mag dan wel hopeloos ouderwets zijn, anno 2006, maar het had toch ook wel iets romantisch. Iets ongeremds. Een voordeel daarvan is weer dat als je het later terugleest, je jezelf plotseling wel Heel Erg Volwassen en Verstandig voelt. Want ik mag dan af en toe wel een raar wijf zijn dat nog steeds niet helemaal leeftijdsadequaat overkomt, zo erg als toen ben ik toch niet meer. Alles is relatief.

Natuurlijk hoop ik tegen beter weten in dat jullie me kunnen overtreffen in achterlijkheid. Hoe zat het met jullie dagboek? Hoog bakvisgehalte? Elke bladzijde een andere jongensnaam? Verliefd op je leraar geschiedenis? Hysterische taferelen over hoe je je als puber doodschaamde voor het permanent van je moeder of het gele windjack van je vader, of dat je op voorhand al doodging bij het vooruitzicht dat je ouders zich zouden gaan vertonen op een ouderavond op jouw school? Of waren jullie in die tijd al Heel Erg Volwassen en Verstandig en schreven jullie alleen bespiegelende en filosofische dagboekpassages waar je zelfs nu nog mee voor de dag kunt komen? En wordt er nu eigenlijk überhaupt nog in dagboeken geschreven of heeft het weblog het dagboek volledig overschaduwd?

Hoe dan ook, dit is mijn weblog, en tegelijk ook een beetje mijn dagboek. De plek waar ik al mijn glorieuze en minder glorieuze (lees: genante) belevenissen ga neerzetten, mijn hersenspinsels, mijn leuke en soms ook minder leuke dingen. Wees niet bevreesd, ik ben zevenentwintig en op het punt beland dat ik de schaamte voorbij ben als het om mijn schrijfsels gaat. Voel je dus vooral van harte welkom om mee te lezen.

618 reacties - §